Een beetje geschiedenis...

 
De 'gardeboe' werd niet zomaar geboren. Vóór de gardeboe was de fiets.
De eerste fietsen in Oekene situeren zich rond 1880. En te Oekene bleek de fiets veel enthousiasme opgewekt te hebben. We weten dat er op het programma van de kermis van september 1904 een wielerkoers stond. De streek rond Roeselare, en zeker Oekene, brachten vele grote namen uit het wielermilieu voort. Odiel De Fraeye, Hector Martin, Jempi Monseré, zijn er maar een paar uit het grote aantal. Ook vele bekende 'velomakers' hebben hun roots liggen in het Oekense. In het jaar 1975, terwijl de pastoor naar Lourdes was, flitste een ontstekende vonk door het brein van een Oekenaar. De sinds enkele jaren attractieve 'valiezenkoers' op de jaarlijkse kermis scheen te weinig. Met enkele vrienden zat herbergier Willy Schoore te denken en te spreken over vernieuwing, uitbreiding, bekendmaking, kortom: herleving van de volkse, prettige 'valiezenkoers'. Een stunt was nodig: koers en fiets, valies en trappers, het fietsende Oekene bleef de enige denkpiste.

Onbewust of onbedoeld wierp Schoore plots het woord 'gardeboe' op tavel om het fietsverleden van het dorp te herwaarderen tot een nieuw concept. Het hekken was van de dam, al vond men het woord 'gardeboe' niet in de dikke Van Dale, Oekene werd met de gardeboe vereenzelvigd.
In de fietstraditie was de 'gardeboe' aan iedereen bekend. Onder het woord schuilt: spatbord, een essentieel stuk dat honderd jaar geleden (en ook nu nog) de voertuigen van vuil moest behoeden.

In juni 1975 kwamen enkele echte Oekenaren samen in De Kroon, waar zij besloten nieuw leven in hun jaarlijkse kermis te blazen. Hun namen zijn vereeuwigd: José Deleye, Robert Houthave, Erik Mayaert en Willy Schoore. Zij beslisten het aanstaande jaarfeest als Gardeboefeesten te dopen. Tijdens het derde weekend van september werd het Gardeboefeest gepland.
Op het programma van toen stond er o.a. de valiezenkoers, volksspelen, een wielerwedstrijd en een Gardeboebal.